De Boecop Diepesteeg 1

De boerenhofstede ‘De Boecop’ behoorde sinds 1657-58 tot Rhederoord. Het goed werd in die jaren, tegelijk met Rhederoord, verkocht aan Willem Everwijn en Johanna Kelffkens. De naam Boecop komen we ook tegen in Elburg en verwijst naar het geslacht Arent toe Boecop. Uit de 17e eeuw zijn verder verbalen betreffende houtverkoop op De Boecop (1674-1694) terug te vinden in het Gelders Archief.

De stukken uit de 18e eeuw, waarin De Boecop vermeld wordt, zijn te vinden in het Brantsen-archief. Hierin wordt in 1743 een nieuwe put genoemd. Een ander stuk handelt over het schutten van schapen van het goed Boecop in het Onzalige Bos in 1793. We zien dan ook de naam Boecop verschijnen op kaarten. Eigenaar in die tijd was Joost, graaf van Limburg en Bronkhorst, heer van Styrum. Pachters zijn: Herman Everts, Berend Alpherts, W. Bod en Jochem Brinkhof.

Met het schutten van vee wordt bedoeld het in beslag nemen van vee wegens onrechtmatig weiden (veelal op andermans of gemeenschappelijke gronden).
 

Halverwege de 19e eeuw, in 1847 is er sprake van afbraak en herbouw van het goed Boecop.

Omstreeks 1894 wordt de boerenhofstede omgebouwd tot een prachtig landhuis voor Jules Baron Brantsen, met een grote paardenstal. Hij is degene, die in mei 1902 een dag of acht circusvoorstellingen organiseerde, waarvan de opbrengst bestemd was voor de Boeren in de Zuid-Afrikaanse Republieken.

Jules Baron Brantsen was de oudste zoon van de burgermeester van Arnhem,  C.M. Brantsen, die toen op Rhederoord woonde. Rond 1900 had hij op De Boecop al een installatie voor elektrisch licht. De miniatuur-centrale stond in het kleine gebouwtje aan de Diepesteeg, de toenmalige garage.

Jules maakte met het verplaatsbare circus ook tournees door Frankrijk onder de naam Grande Cirque Hollandais Durandsen. De circustent was 30 meter in doorsnee en had 700 zitplaatsen en stond waarschijnlijk op de plek van de hooiberg. Circus Durandsen, een verbastering van Brantsen, trok in De Steeg heel wat buitenlandse gasten aan: er waren Duitse en Tsjechische atleten, acrobaten, speldenvreters, clowns en balletmeisjes. Inwoners van De Steeg reisden ook mee met het circus naar het buitenland.  Jules is in 1944 op tragische wijze omgekomen in kamp Buchenwald.
 

De oorsprong van ‘Streekmuseum Velp’ ligt ook op deze plek. De heer mr. A.C. Bondam, rijksarchivaris voor Gelderland, startte zijn collectie in de ponyschuur van de Boecop. Deze schuur lag aan de weg die de verbinding vormde tussen de Diepesteeg en de Parkweg, die destijds de naam Museumweg (nu Boecoplaan) had.

Aan het begin van de 20e eeuw in 1910 wordt de villa De Boecop verkocht aan dhr. Bernard Mensing, die het in 1925 aan het bisdom verkoopt.

In 1927 is de R.K. kerk gebouwd. Het landhuis De Boecop werd verbouwd tot pastorie.

Marianne Poorthuis, november 2013.

Foto’s uit het archief van Kerk op Steeg.